Samenwerking
september 13, 2011
Vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid
Met het Verdrag van Amsterdam (1997) is een belangrijke impuls gegeven aan de derde pijler van de Europese Unie: samenwerking op het terrein van binnenlandse zaken en justitie. Op de Europese Top in Amsterdam hebben regeringsleiders en staatshoofden uitgesproken te willen komen tot een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid. Realisatie van dit streven vergt intensieve samenwerking op politieel gebied. Nederland neemt deel aan het overleg binnen de met de samenwerking belaste werkgroepen. De verantwoordelijkheid ligt bij de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, en Justitie.
NCIPS en Europa
Het NCIPS ondersteunt de ministeries bij het formuleren van de Nederlandse standpunten en een andere overheid. Dit onder meer door politieprofessionele informatie en opstellingen te verzamelen. Het NCIPS vergaart en verstrekt relevante informatie uit besluitvormingsprocessen, agenda’s van beleidsvorming en recente ontwikkelingen. Doel is steeds te anticiperen op de informatie en om alle betrokken spelers bijeen te brengen. Daarnaast ondersteunt het NCIPS politie-organisaties bij de implementatie van in Brussels verband genomen besluiten.
Naast samenwerking binnen het kader van de Europese Unie vindt eveneens overleg plaats binnen – voornamelijk – de Raad van Europa en de Verenigde Naties. Het NCIPS biedt de departementen daar waar gewenst ondersteuning en informeert de politie-organisaties over recente ontwikkelingen.
Task force
Ten behoeve van versterkte Europese samenwerking op politieprofessioneel niveau is op de Europese Top van Tampere (1999) besloten een Task Force of Heads of Police in te stellen. Deze task-force komt tweejaarlijks bijeen. Doel is het uitwisselen van politieprofessionele informatie en het uitbrengen van advies over te volgen speerpunten in Europa. Het NCIPS ondersteunt de Nederlandse delegatie bij haar taak. Naast enkele korpschefs maakt ook de directeur NCIPS deel uit van deze delegatie.